ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ7316
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- G.H. Marcus
- W.M. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving in zaak Raffles
Verdachte werd beschuldigd van het medeplegen van afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving van [naam 1] in de periode juli-augustus 2002, met betrekking tot de overdracht van aandelen in horecaonderneming Raffles.
De zaak kende een lange procedurele looptijd van bijna 4 jaar en 8 maanden tussen aanhouding en vonnis, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet onredelijk was vanwege het wachten op een arrest in een gerelateerde zaak tegen een medeverdachte. De verdediging stelde dat een belangrijke getuige werd geweerd, maar de rechtbank concludeerde dat deze getuige zelf weigerde te verklaren.
De feiten werden uitvoerig onderzocht, waarbij bleek dat de financiële situatie van Raffles zorgelijk was en dat er druk was uitgeoefend op [naam 1] om te tekenen, maar dat deze druk niet kwalificeerde als bedreiging met geweld. Ook was geen sprake van vrijheidsberoving. De verklaringen van de aangever waren tegenstrijdig en onvoldoende overtuigend. De rechtbank sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving wegens onvoldoende bewijs.