ECLI:NL:RBAMS:2009:BI6917
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rabobank tekortgeschoten in zorgplicht bij beleggingsadvies en waarschuwing voor opties
De zaak betreft een geschil tussen [AB], broers en beleggers, en Rabobank over de nakoming van een beleggingsadviesovereenkomst. In 1997 gaf Rabobank een advies om de opbrengst van de verkoop van melkquotum te beleggen in kwaliteitsaandelen, passend bij de toenmalige maatstaven en risicoprofiel. Vanaf medio 1998 begon [AB] ook in opties te beleggen, wat een wijziging in de beleggingsstrategie en een verhoogd risico met zich meebracht.
De rechtbank stelt vast dat Rabobank niet heeft voldaan aan haar zorgplicht door niet uitdrukkelijk te waarschuwen voor de bijzondere en grotere risico’s verbonden aan opties en niet te onderzoeken of deze wijziging strookte met de wensen van [AB]. Rabobank was onvoldoende op de hoogte van het oorspronkelijke advies en de beleggingsdoelstellingen, waardoor zij niet adequaat kon adviseren.
Verder oordeelt de rechtbank dat het oorspronkelijke advies uit 1997 passend was en niet onjuist, en dat het belegde vermogen niet als pensioenbestemming kon worden aangemerkt. De schadevergoeding wordt beperkt tot de verliezen op opties, omdat het causale verband met de aandelenverliezen ontbreekt. De procedure wordt aangehouden voor nadere vaststelling van de schade.
Uitkomst: Rabobank is tekortgeschoten in haar zorgplicht door onvoldoende te waarschuwen voor risico’s van opties en is aansprakelijk voor de daardoor geleden schade.