ECLI:NL:RBAMS:2009:BI3787
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H.M. van de Ven
- W.J. van Bennekom
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Toestemming voor overlevering aan Italië ondanks samenloop met Duits verzoek
De rechtbank Amsterdam behandelde op 13 mei 2009 het verzoek tot overlevering van een persoon aan Italië op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de rechtbank te Reggio Calabria. De opgeëiste persoon wordt verdacht van deelneming aan een criminele organisatie en moord/doodslag, feiten die verband houden met rivaliserende groeperingen in Italië. Tegelijkertijd was er een Duits verzoek tot overlevering voor een zesvoudige moord/doodslag.
De rechtbank oordeelde dat het EAB aan de wettelijke vereisten voldoet, waaronder een voldoende omschrijving van de feiten en betrokkenheid van de opgeëiste persoon. Het verweer dat het EAB niet volledig was, werd verworpen. Ook werd geoordeeld dat voor een vervolgingsoverlevering geen onvoorwaardelijke vervolgingsbeslissing hoeft te zijn genomen.
Gezien de samenloop van verzoeken gaf de rechtbank voorrang aan het Italiaanse verzoek, mede omdat de slachtoffers Italiaans waren en het onderzoek naar de criminele organisatie in Italië was afgerond. Verzoeken van de raadsman om aanvullende toestemming voor vervolging of doorlevering werden afgewezen, evenals het verzoek om nadere informatie over afspraken tussen de betrokken landen. Het beroep op niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie werd eveneens verworpen.
De rechtbank besloot de overlevering aan Italië toe te staan en wees erop dat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Italië toe en geeft dit verzoek voorrang boven het Duitse verzoek.