ECLI:NL:RBAMS:2008:BH7395
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- H.L.L. Neervoort-Briet
- C.P.E. Meewisse
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters-commissarissen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor partijdigheid
Verzoeker, verdachte in een strafzaak, diende een wrakingsverzoek in tegen twee rechters-commissarissen die betrokken waren bij het vooronderzoek. Het verzoek richtte zich op vermeende vooringenomenheid en onvoldoende mogelijkheid tot dossierinzage voorafgaand aan een verhoor.
De rechtbank onderzocht de gronden van het verzoek en concludeerde dat rechter sub 1 geen contact met verzoeker had gehad tijdens de doorzoeking, hetgeen ook door verzoeker werd bevestigd. Rechter sub 2 had zich ingespannen om verzoeker van rechtsbijstand te voorzien, maar verzoeker had deze geweigerd. Bovendien was verzoeker op zijn rechten gewezen en had hij na het verhoor een afschrift van het procesdossier ontvangen.
De rechtbank oordeelde dat er geen objectieve feiten of omstandigheden waren die een zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid of gebrek aan onpartijdigheid opleverden. Het enkele feit dat de rechters belast waren met het vooronderzoek was onvoldoende voor een gegronde vrees van partijdigheid.
Daarom werd het wrakingsverzoek als ongegrond afgewezen. De uitspraak werd gedaan door de wrakingskamer van de rechtbank Amsterdam op 16 december 2008.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters-commissarissen is afgewezen wegens ontbreken van objectieve aanwijzingen voor partijdigheid.