ECLI:NL:RBAMS:2008:BH2280
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot vernietiging arbitraal vonnis wegens onvoldoende gronden
A B.V. vorderde vernietiging van een arbitraal vonnis dat haar vorderingen tegen BBDO Inc. afwees, stellende dat arbiters essentiële argumenten niet hadden behandeld en dat het vonnis onbegrijpelijk en ongemotiveerd was. De rechtbank oordeelde dat A B.V. ontvankelijk was in haar vordering omdat de arbitrageprocedure geen processueel ondeelbare rechtsverhouding betrof en dat het niet nodig was om alle arbitragepartijen in dit geding te dagvaarden.
De rechtbank stelde vast dat arbiters de stellingen van A B.V. en het verweer van BBDO Inc. wel degelijk hadden behandeld en dat het vonnis niet in strijd was met het beginsel van hoor en wederhoor of artikel 6 EVRM Pro. De motivering van het arbitraal vonnis was voldoende en begrijpelijk, en er was geen reden om aan te nemen dat arbiters onpartijdig waren.
Bovendien was de dagvaarding van A B.V. toereikend en niet innerlijk tegenstrijdig, en had zij niet verzuimd om een aanvullend arbitraal vonnis te verzoeken. Gezien deze overwegingen wees de rechtbank de vordering tot vernietiging af en veroordeelde A B.V. in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vernietiging van het arbitraal vonnis af en veroordeelt A B.V. in de proceskosten.