ECLI:NL:RBAMS:2008:BH2059
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Oordeel over toepassing artikel 306 Faillissementswet bij aflossing oude schuld met nieuwe lening
De rechtbank Amsterdam behandelde een geschil tussen A en ING over de vraag of de oude schuld van A, vallend onder een schuldsaneringsregeling, kon worden afgelost met een nieuwe geldlening. A stelde dat op grond van artikel 306 Faillissementswet Pro (Fw) de betaling van de oude schuld via de nieuwe lening nietig was, waardoor de oude schuld door de schone lei verklaring niet langer afdwingbaar zou zijn.
De rechtbank stelde vast dat partijen bewust een constructie hadden opgezet om executie van de hypotheekrechten door ING te voorkomen, waarbij de oude schuld werd afgelost met een nieuwe lening die pas na afloop van de schuldsanering zou worden afgelost. De rechter-commissaris had hiermee ingestemd, mits de hypotheekschuld niet werd weggesaneerd.
De rechtbank oordeelde dat een beroep op artikel 306 Fw Pro in deze situatie onaanvaardbaar is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid. De oude schuld is afgelost met de nieuwe lening, die niet onder de schuldsaneringsregeling valt. Hierdoor heeft ING een opeisbare vordering op A. De vordering van A werd afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van A af en oordeelt dat ING een opeisbare vordering heeft op basis van de nieuwe lening.