ECLI:NL:RBAMS:2008:BH0535
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.J.M. de Werd
- H.P.H.I. Cleerdin
- M.M. van der Nat
- Rechtspraak.nl
Executieoverlevering naar Polen toegestaan ondanks discussie over rechtsmacht
De rechtbank Amsterdam behandelde op 23 december 2008 het verzoek tot executieoverlevering van een Poolse veroordeelde aan de Poolse autoriteiten. Het verzoek was gebaseerd op een Europees aanhoudingsbevel uitgevaardigd door de District Court in Gorzów Wielkopolski, voor een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 1 jaar en 4 maanden wegens diefstal en opzetheling.
De raadsman van de opgeëiste persoon voerde aan dat de persoon zodanig in Nederland geworteld was dat hij als ingezetene moest worden beschouwd, en betwistte de rechtsmacht van Nederland om de straf over te nemen. Tevens stelde hij dat de stukken onvoldoende waren en dat de straf mogelijk voorwaardelijk was opgelegd. De rechtbank oordeelde dat de stukken voldoende waren en dat het EAB een onvoorwaardelijke straf betrof.
De rechtbank overwoog dat het vereiste van rechtsmacht conform artikel 6 van Pro de Overleveringswet niet buiten toepassing kon worden gelaten, ook niet op grond van artikel 68 SUO Pro. De feiten waren strafbaar in zowel Polen als Nederland en voldeden aan de dubbele strafbaarheidsvereiste. De rechtbank concludeerde dat aan alle voorwaarden van de Overleveringswet was voldaan en stond de overlevering toe. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank staat de executieoverlevering van de opgeëiste persoon aan Polen toe wegens naleving van de wettelijke eisen.