ECLI:NL:RBAMS:2008:BG6011
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.P.J. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergunning woningonttrekking en overschrijding redelijke termijn
Eisers vroegen een vergunning voor woningonttrekking aan, waarbij verweerder een financiële compensatie als voorwaarde stelde. Na bezwaar verklaarde verweerder de bezwaren ongegrond in drie besluiten. Eisers stelden dat het bedrag onjuist was berekend, dat zij onjuist waren voorgelicht, en dat de redelijke termijn was overschreden.
De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen de eerste twee besluiten niet-ontvankelijk was vanwege gebrek aan procesbelang. Ten aanzien van het derde besluit concludeerde de rechtbank dat er sprake was van onttrekking van zelfstandige woonruimte, waardoor de compensatie correct was vastgesteld. De belangenafweging door verweerder werd als redelijk beoordeeld.
De rechtbank stelde vast dat het bestuursorgaan de redelijke termijn niet had overschreden, aangezien het bezwaar binnen vier maanden was behandeld. Wel werd erkend dat de rechterlijke behandeling langer duurde, waardoor de procedure werd heropend en de Staat als partij werd aangemerkt voor een nader onderzoek naar mogelijke schadevergoeding.
Het beroep tegen het derde besluit werd ongegrond verklaard en eisers kregen het betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter T.P.J. de Graaf op 14 november 2008.
Uitkomst: Beroep tegen eerste twee besluiten niet-ontvankelijk, beroep tegen derde besluit ongegrond, procedure heropend voor beoordeling redelijke termijn.