ECLI:NL:RBAMS:2008:BG2171
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.J. de Graaf
- C.A.E. Wijnker
- E.J.W. Verhaagh
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige weigering splitsingsvergunning wegens onjuiste uitvoeringspraktijk
Eiser vroeg op 23 december 2005 een splitsingsvergunning aan voor een pand in Amsterdam. Verweerder weigerde deze vergunning op grond van een vaste uitvoeringspraktijk waarbij gebreken binnen een aanhoudingstermijn van één jaar hersteld moesten zijn. Verweerder stelde dat bij overschrijding van deze termijn de vergunning in beginsel wordt geweigerd, met een beperkte belangenafweging.
De rechtbank oordeelde dat deze praktijk niet verenigbaar is met de Huisvestingsverordening, die geen termijn stelt voor herstel van gebreken en een gebonden beoordelingskader kent. Ook ontbrak een wettelijke grondslag voor de gehanteerde belangenafweging. Verweerder voerde bovendien een onduidelijke en inconsistente uitvoeringspraktijk, wat tot ongelijke behandeling kan leiden.
Eiser had vertragingen door lekkages en aannemersfouten aangevoerd, wat door verweerder onvoldoende was meegewogen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, en bepaalde dat verweerder binnen zes weken de splitsingsvergunning aan eiser moet verlenen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht vergoed aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot weigering en beveelt binnen zes weken vergunningverlening.