ECLI:NL:RBAMS:2008:BD6663
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- I. M. Vanwersch
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet bankdirecteur wegens fictieve afspraken en onware verklaringen te zwaar middel
De zaak betreft het ontslag op staande voet van een bankdirecteur wegens het maken van fictieve afspraken in zijn agenda, het indienen van declaraties voor lunches zonder zakelijk karakter en het afleggen van onware verklaringen tijdens verhoren. De directeur stelt dat zijn gedrag veroorzaakt is door een psychische stoornis, hetgeen de bank betwist.
De kantonrechter weegt de feiten, waaronder het lange dienstverband, goede beoordelingen en de ernst van de gevolgen van het ontslag. Hoewel het gedrag in beginsel ontslag op staande voet rechtvaardigt, oordeelt de rechter dat het ontslag in deze situatie een te zwaar middel is. De bank heeft onvoldoende rekening gehouden met de medische omstandigheden en heeft onvoldoende zorgvuldig gehandeld door het ontslag zonder nader onderzoek te geven.
De rechter wijst de loonvordering toe en verbiedt de bank de werknemer op te nemen in een incidentenregister totdat in een bodemprocedure definitief is beslist. Andere vorderingen, zoals inzage in gegevens en re-integratie, worden afgewezen of beperkt. De bank wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is een te zwaar middel; de bank moet loon betalen en het gebruik van de leaseauto toestaan.