ECLI:NL:RBAMS:2008:BD1901
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- W. Tonkens - Gerkema
- Rechtspraak.nl
Vordering tot opheffing en herbegroting van scheepsbeslag op schip Alkor
De zaak betreft een vordering van Trans Marine Services Inc. (TMS) tot opheffing van conservatoir scheepsbeslag dat door Kama Foreign Trading Ltd. en mede-eisers (Kama cs) is gelegd op het schip Alkor. TMS stelt sinds 25 februari 2008 eigenaar te zijn van het schip, terwijl het beslag is gelegd ter verzekering van een vordering van Kama cs op een derde partij, [bedrijf 1], de vorige eigenaar.
Kama cs betwist de eigendomsoverdracht en voert aan dat de registratie van het schip in Moldavië door TMS ongeloofwaardig is, mede vanwege tegenstrijdige certificaten en het feit dat de kapitein na beslaglegging [bedrijf 1] als eigenaar heeft genoemd. Ook is de verzekering van het schip door TMS na de beslaglegging een aanwijzing dat de eigendomsoverdracht niet heeft plaatsgevonden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het beslag terecht is gelegd ter verzekering van de vordering van Kama cs op [bedrijf 1]. De vordering tot opheffing van het beslag wordt afgewezen. Wel wordt het beslagbedrag herbegroot op € 630.500,00. Daarnaast wordt Kama cs toestemming verleend tot het leggen van nieuw beslag op het schip ten laste van TMS, op grond van het wettelijke principe dat koop een bevrachting niet breekt (art. 8:375 BW Pro).
De incidentele vordering van Kama cs tot zekerheidstelling voor proceskosten wordt afgewezen omdat effectieve toegang tot de rechter voor de beslagene verzekerd moet zijn. De proceskosten worden verdeeld waarbij Kama cs in het ongelijk wordt gesteld in het incident en TMS in de hoofdzaak. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het scheepsbeslag wordt afgewezen en het beslagbedrag wordt herbegroot op € 630.500,00.