ECLI:NL:RBAMS:2008:BC7190
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering sponsorovereenkomst tussen AZ en Versatel wegens ontbreken definitieve overeenkomst
AZ, een voetbalclub uit de eredivisie, vorderde dat Versatel werd veroordeeld tot betaling van een sponsorvergoeding van €750.000 per jaar voor de periode van 1 juli 2005 tot en met 30 juni 2008, stellende dat op 21 december 2004 of 17 januari 2006 een sponsorovereenkomst was gesloten. Subsidiair stelde AZ dat Versatel onrechtmatig de onderhandelingen had afgebroken.
De rechtbank stelde vast dat op 21 december 2004 geen sponsorovereenkomst tot stand was gekomen omdat er geen aanvaarding door AZ was van het aanbod van Versatel. Ook op 17 januari 2006 was geen definitieve overeenkomst gesloten, omdat Versatel de totstandkoming van de sponsorovereenkomst had verbonden aan nadere afspraken onder gunstige voorwaarden voor beide partijen, waarover geen overeenstemming werd bereikt.
Verder oordeelde de rechtbank dat partijen vrij waren de onderhandelingen af te breken, tenzij dit onaanvaardbaar was op grond van gerechtvaardigd vertrouwen of andere omstandigheden. Nu op een wezenlijk punt, de ingangsdatum, geen overeenstemming bestond en geen uitzicht op oplossing was, mocht AZ niet gerechtvaardigd vertrouwen op het tot stand komen van een definitieve overeenkomst. Het afbreken van de onderhandelingen door Versatel was daarom niet onaanvaardbaar.
De rechtbank wees de vorderingen van AZ af en veroordeelde AZ in de proceskosten van Versatel, begroot op €19.181,50. Het vonnis werd gewezen door mr. A.W.H. Vink en uitgesproken op 6 februari 2008.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van AZ af en veroordeelt AZ in de proceskosten van Versatel.