ECLI:NL:RBAMS:2008:BC3884
Rechtbank Amsterdam
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor zware mishandeling en voorschot immateriële schadevergoeding
Op 24 augustus 2002 heeft B A zwaar lichamelijk letsel toegebracht tijdens een confrontatie bij het ophalen van A's zoontje. A raakte in coma en onderging langdurige medische behandelingen en revalidatie. B werd strafrechtelijk veroordeeld voor mishandeling met zwaar letsel.
In deze civiele procedure vordert A volledige schadevergoeding voor materiële en immateriële schade, waaronder een voorschot op smartengeld wegens blijvende invaliditeit. B betwist aansprakelijkheid en beroept zich op noodweer en noodweerexces, maar de rechtbank oordeelt dat B disproportioneel geweld gebruikte en geen rechtvaardigingsgrond heeft.
De rechtbank wijst de vordering toe, inclusief het voorschot van €20.000 op immateriële schadevergoeding. De schadestaatprocedure zal de definitieve omvang van de schade bepalen, mede rekening houdend met medische ontwikkelingen en het rauwelijkse ontslag van A uit het revalidatiecentrum. B wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: B wordt aansprakelijk gesteld en veroordeeld tot betaling van materiële en immateriële schade, inclusief een voorschot van €20.000 smartengeld.