ECLI:NL:RBAMS:2007:BB7918
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.W. van der Veen
- R. van de Water
- J.L. Hillenius
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor openlijk geweld in vereniging met honkbalknuppel
Op 20 september 2006 pleegde verdachte samen met anderen openlijk geweld tegen het slachtoffer in Amsterdam. De groep rende op het slachtoffer af, omringde hem en sloeg hem terwijl een van hen dreigend met een honkbalknuppel op de grond sloeg. Verdachte zelf sloeg het slachtoffer.
De rechtbank baseerde zich op diverse proces-verbalen met getuigenverklaringen en politieonderzoeken. Uit het bewijs bleek dat verdachte en zijn medeverdachten op zoek waren naar confrontatie met het slachtoffer, en dat het geweld niet uit zelfverdediging was. De dodelijke messteken die later werden toegebracht door een medeverdachte konden niet aan verdachte worden toegerekend.
De rechtbank verwierp het verweer van noodweer en oordeelde dat verdachte strafbaar is voor openlijk geweld in vereniging. Gezien eerdere veroordelingen en de ernst van het feit legde de rechtbank een gevangenisstraf van vijf maanden op, met aftrek van voorarrest. De vordering van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende duidelijkheid.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf voor openlijk geweld in vereniging.