ECLI:NL:RBAMS:2007:BB7169
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Laurentius-Kooter
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid vermogensbeheerder wegens onjuist offensief beleggingsbeleid
A en B sloten vanaf 1995 diverse vermogensbeheerovereenkomsten met Degroof, waarbij een offensief noch defensief beleggingsbeleid werd overeengekomen, passend bij een pensioenbestemming. Degroof belegde het gehele vermogen echter uitsluitend in aandelen en opties, wat een uitermate offensief beleid vormt dat niet strookt met de afspraken.
De rechtbank verwierp het beroep van Degroof op verjaring en op eigen schuld van A c.s. omdat deze laat werden gewezen op de schade en onvoldoende kennis hadden van beleggingen. Degroof had bovendien een zorgplicht om een juist cliëntenprofiel op te stellen en het beleggingsbeleid hierop af te stemmen.
De rechtbank stelde dat Degroof toerekenbaar tekort is geschoten door het niet naleven van het afgesproken beleggingsbeleid en veroordeelde Degroof tot schadevergoeding. Voor de schadeberekening gaf de rechtbank richtlijnen, waarbij het verschil tussen het werkelijk behaalde rendement en het fictieve rendement bij een passend beleggingsbeleid als schade geldt.
De zaak werd verwezen naar een volgende rolzitting voor nadere uitlatingen over de schade en verdere procedurele stappen.
Uitkomst: Vermogensbeheerder Degroof is aansprakelijk voor schade door onjuist offensief beleggingsbeleid en moet schadevergoeding betalen.