ECLI:NL:RBAMS:2007:BB1861
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding borgtocht wegens tekortkoming schuldeiser in nakoming en afbreuk aan subrogatierechten
De zaak betreft een geschil tussen Bierbrouwerij De Leeuw B.V. (eiseres) en Buffing Drankengroothandel B.V. (gedaagde), waarbij Buffing borg stond voor een lening van A aan De Leeuw. De Leeuw vorderde betaling van de borgtocht wegens niet-nakoming door A, maar Buffing stelde dat De Leeuw tekort was geschoten in haar zorgplicht jegens de borg.
De kern van het geschil was of Buffing zich kon beroepen op ontbinding van de borgtochtovereenkomst wegens tekortkoming van De Leeuw, die rechten had aangetast waarin Buffing mocht verwachten te worden gesubrogeerd. De rechtbank oordeelde dat het arrest van de Hoge Raad uit 1980 dat ontbinding uitsloot niet langer geldt onder het huidige Burgerlijk Wetboek.
De rechtbank stelde vast dat De Leeuw door een transactie met Lantaerne B.V. het stil pandrecht op de café-inventaris had laten tenietgaan, waardoor Buffings verhaalsmogelijkheden werden aangetast. Dit vormde een tekortkoming in de nakoming van artikel 6:154 BW Pro, waardoor ontbinding van de borgtocht gerechtvaardigd was.
De Leeuw werd veroordeeld in de proceskosten en de vordering tot betaling van de borgtocht werd afgewezen. Dit vonnis bevestigt dat onder het huidige recht een borg zich kan beroepen op ontbinding van de borgtochtovereenkomst bij tekortkoming van de schuldeiser die de subrogatierechten schaadt.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de borgtocht wordt afgewezen wegens tekortkoming van de schuldeiser, met ontbinding van de borgtochtsovereenkomst.