ECLI:NL:RBAMS:2007:BA9464
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Vaandrager
- C.J. Polak
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen gedeeltelijke intrekking rijksbijdrage inburgering nieuwkomers 2004
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Huizen (eiser) maakte bezwaar tegen een besluit van de Minister van Wonen, Wijken en Integratie (verweerder) waarin de rijksbijdrage inburgering nieuwkomers 2004 gedeeltelijk werd ingetrokken wegens het niet tijdig aanleveren van telgegevens en financiële verantwoording.
Verweerder had eiser meerdere malen in de gelegenheid gesteld de gevraagde stukken alsnog binnen een hersteltermijn van drie weken in te dienen, maar de telgegevens werden te laat aangeleverd. Op grond van artikel 13, vierde lid, van het nieuwe Bekostigingsbesluit werd de rijksbijdrage ambtshalve vastgesteld op de helft van het aantal verklaringen uit 2001.
Eiser voerde onder meer aan dat het besluit innerlijk tegenstrijdig was, dat het vertrouwensbeginsel was geschonden en dat de maatregel onevenredig was. De rechtbank oordeelde dat het beroep op het vertrouwensbeginsel niet slaagde, dat de regelgeving correct was toegepast en dat verweerder geen ruimte had voor een belangenafweging. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van het college van burgemeester en wethouders van Huizen tegen de gedeeltelijke intrekking van de rijksbijdrage inburgering nieuwkomers 2004 wordt ongegrond verklaard.