ECLI:NL:RBAMS:2007:BA9066
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verklaring van geen bezwaar wegens veiligheidsrisico onvoldoende gemotiveerd
Verzoekster, werkzaam in een vertrouwensfunctie, kreeg haar verklaring van geen bezwaar ingetrokken door de Minister van Binnenlandse Zaken vanwege een eerdere strafrechtelijke veroordeling. De rechtbank oordeelt dat de Minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de intrekking noodzakelijk is en onvoldoende rekening heeft gehouden met de bijzondere omstandigheden van verzoekster, zoals de voorwaardelijke straf en het reclasseringsoogmerk.
De beleidsregel die de Minister hanteert bij het veiligheidsrisico is niet duidelijk toegepast, waardoor niet vaststaat dat de Minister bevoegd was tot intrekking. Ook is niet gebleken dat de belangen van verzoekster voldoende zijn meegewogen. De rechtbank wijst het beroep toe en vernietigt de bestreden besluiten.
Daarnaast wijst de rechtbank het verzoek tot schorsing van de intrekking toe en beveelt de Minister verzoekster te behandelen alsof zij in het bezit is van de verklaring. Het verzoek tot afgifte van een nieuwe verklaring wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang. De Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De intrekking van de verklaring van geen bezwaar wordt vernietigd en geschorst, en verzoekster wordt behandeld alsof zij in het bezit is van de verklaring.