ECLI:NL:RBAMS:2007:BA7160
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering van verdachte aan Duitse justitie wegens ontvoering en mishandeling
De rechtbank Amsterdam behandelde op 1 mei 2007 het verzoek tot overlevering van de verdachte aan Duitsland op grond van een Europees aanhoudingsbevel. De verdachte wordt verdacht van ontvoering, wederrechtelijke vrijheidsberoving, gijzeling en medeplichtigheid aan zware mishandeling.
De verdachte voerde onschuld aan en betwistte betrokkenheid, maar de rechtbank oordeelde dat de bewijswaardering aan de Duitse rechter toekomt. De rechtbank verwierp het verweer dat de vervolging in Nederland moet plaatsvinden, mede omdat de opsporing en vervolging reeds in Duitsland zijn gestart en medeverdachten daar in voorlopige hechtenis zitten.
De raadsman verzocht om aanhouding van de procedure wegens een nog in te dienen klaagschrift ex artikel 12 Sv Pro, maar de rechtbank stelde dat dit slechts in uitzonderlijke gevallen een beletsel vormt en dat de verdachte niet als direct belanghebbende wordt beschouwd. De rechtbank besloot daarom het verzoek tot overlevering toe te staan en wees de aanhouding van het onderzoek af.
De overlevering wordt toegestaan ten behoeve van het strafrechtelijk onderzoek in Duitsland, waarbij de rechtbank terugkomt op eerdere jurisprudentie omtrent aanhouding bij beklag ex artikel 12 Sv Pro. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan Duitsland toe voor strafrechtelijk onderzoek.