ECLI:NL:RBAMS:2007:BA3279
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.J. de Graaf
- C.G. Meeder
- C.A.E. Wijnker
- Rechtspraak.nl
Toekenning scootmobiel en vergoeding wegens onterechte afwijzing aanvraag
Eiseres diende op 9 december 2004 een aanvraag in voor een scootmobiel op grond van de Wet Voorzieningen Gehandicapten (WVG). Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) adviseerde op 11 februari 2005 afwijzing omdat de loopafstand met therapie zou kunnen verbeteren en zij gebruik kon maken van het Aanvullend Openbaar Vervoer (AOV). Verweerder wees de aanvraag op 14 maart 2005 af en handhaafde dit besluit bij bezwaar.
Eiseres stelde beroep in en diende op 13 oktober 2006 een nieuwe aanvraag in. Het CIZ adviseerde op 6 november 2006 een scootmobiel toe te kennen wegens onvoldoende dekking van de vervoersbehoefte door het AOV. Verweerder kende op 31 januari 2007 de scootmobiel toe. De rechtbank oordeelde dat het eerdere advies van het CIZ onzorgvuldig was, omdat geen prognose was gegeven over de langdurige noodzaak en de medische situatie niet juist was beoordeeld.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de Awb en bepaalde dat verweerder een vergoeding van €460 per jaar moest betalen over de periode van 14 maart 2005 tot 31 januari 2007. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan eiseres te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder een vergoeding betaalt voor de periode zonder scootmobiel.