ECLI:NL:RBAMS:2006:AX1604
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M.C. de Wit
- C.N. Dalebout
- A.J.H.D. van Nass-van Vollenhoven
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak schuld aan dodelijk ongeval, veroordeeld voor veroorzaken gevaar op de weg
Op 25 september 2004 reed verdachte met zijn vrachtwagen op de Rijksweg A10 toen hij 's nachts tegen een dwars op de weg staande Honda botste, die daar stond na een eerder ongeval. Twee inzittenden van de Honda kwamen daarbij om het leven en een derde raakte ernstig gewond.
De rechtbank oordeelde dat verdachte niet tijdig of voldoende had geanticipeerd op de situatie, maar dat hem geen schuld in de zin van artikel 6 Wegenverkeerswet Pro kon worden toegerekend vanwege bijzondere omstandigheden zoals de kleur van de Honda, de verlichting en de positie van het voertuig. Wel werd vastgesteld dat verdachte gevaar op de weg had veroorzaakt.
Verdachte werd daarom vrijgesproken van het primair ten laste gelegde, maar veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde feit van het veroorzaken van gevaar op de weg. De straf bestond uit een werkstraf van 40 uur met een voorwaardelijke rijontzegging van zes maanden en een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte niet eerder was veroordeeld en dat de maximale straf voor overtreding van artikel 5 Wegenverkeerswet Pro van toepassing was. De tenuitvoerlegging van de rijontzegging werd voorwaardelijk opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 12 mei 2006 na beraadslaging en openbare terechtzitting.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van schuld aan het ongeval maar veroordeeld voor het veroorzaken van gevaar op de weg met een werkstraf en rijontzegging.