ECLI:NL:RBAMS:2006:AW1843
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Sj.A. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Verbod openbaarmaking heimelijk opgenomen gesprek tussen echtelieden
De vrouw vordert in kort geding tegen haar echtgenoot een verbod op openbaarmaking van informatie uit een heimelijk opgenomen gesprek van 19 januari 2002 met haar tante, de koningin. Tevens vordert zij afgifte van de opnameband en opgave van aan wie kopieën zijn verstrekt. De man verzet zich en vordert in reconventie rectificatie van onjuiste uitlatingen van de vrouw.
De voorzieningenrechter overweegt dat het gesprek tot de persoonlijke levenssfeer behoort en dat de privacy van de vrouw en haar tante zwaarder weegt dan de vrijheid van meningsuiting van de man. Het openbaar maken van het gesprek is daarom onrechtmatig. De man wordt verboden informatie uit het gesprek openbaar te maken, onder dwangsom. De afgifte van de opnameband wordt voorwaardelijk toegewezen vanwege onduidelijkheid over het bezit.
De overige vorderingen, waaronder opgave van andere heimelijk opgenomen gesprekken en de vorderingen in reconventie, worden afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd. De uitspraak benadrukt de afweging tussen privacy en vrijheid van meningsuiting in het kader van een verbroken huwelijk en vertrouwelijke familiegesprekken.
Uitkomst: De man wordt verboden informatie uit het heimelijk opgenomen gesprek openbaar te maken en moet de opnameband voorwaardelijk afgeven; overige vorderingen worden afgewezen.