ECLI:NL:RBAMS:2006:AV2279
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor moord met voorbedachte rade en diefstal in woning slachtoffer
Op 14 juli 2005 heeft verdachte het slachtoffer meerdere malen met een mes gestoken, gewurgd met een touw en een handdoek in de mond gestopt, waardoor het slachtoffer is overleden. Verdachte heeft bekend en de rechtbank acht bewezen dat het overlijden het gevolg is van deze geweldshandelingen.
De rechtbank stelt vast dat er geen sprake was van voorbedachte rade bij het eerste geweldsmoment, maar wel bij het tweede en derde geweldsmoment, toen verdachte het slachtoffer opnieuw aanviel en uiteindelijk wurgde. Verdachte heeft na de moord geld, sieraden en een kluis uit de woning van het slachtoffer meegenomen, wat als diefstal is aangemerkt.
De rechtbank weegt mee dat verdachte jong is en geen eerdere justitiële contacten heeft, wat matigend werkt. De officier van justitie eiste 15 jaar, maar de rechtbank legt 12 jaar gevangenisstraf op vanwege het latere moment van voorbedachte rade. Daarnaast wordt verdachte veroordeeld tot betaling van €12.051,40 aan de benadeelde partij voor uitvaartkosten en reis.
De rechtbank acht het bewezen dat verdachte het slachtoffer met opzet en voorbedachte rade heeft gedood en veroordeelt hem tot een langdurige gevangenisstraf, mede gezien de ernst van het delict en de impact op de nabestaanden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte rade en diefstal.