ECLI:NL:RBAMS:2005:AU7370
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Roelvink - Verhoeff
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht opgelegd ondanks verzoek tot wisselen
Eiser parkeerde zijn auto op 27 januari 2005 zonder de verschuldigde parkeerbelasting te voldoen. Op dezelfde dag legde een parkeercontroleur een naheffingsaanslag op. Eiser voerde aan dat hij had gevraagd of hij mocht wisselen, maar dit werd geweigerd en dat hij tijdens een kort telefoongesprek in de auto zat voordat hij wegreed. Hij stelde dat hem onder deze omstandigheden geen naheffingsaanslag had mogen worden opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het college van burgemeester en wethouders van Hilversum het Aanwijzingsbesluit 2004 heeft laten doorlopen totdat het Aanwijzingsbesluit 2005 in werking trad. Hierdoor was het besluit uit 2004 van toepassing op de situatie. Volgens de geldende verordening geldt dat parkeren het aaneengesloten laten staan van een voertuig is, behalve voor het onmiddellijk in- of uitstappen of laden en lossen.
Omdat eiser na het uit- en instappen eerst een kort telefoongesprek voerde en niet direct wegreed, werd dit als parkeren beschouwd. Het verzoek om te wisselen gaf geen recht op uitstel van betaling. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de naheffingsaanslag parkeerbelasting terecht is opgelegd.