ECLI:NL:RBAMS:2005:AU5131
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. van Hees
- Rechtspraak.nl
Beschikking inzake voorlopig deskundigenonderzoek medische gegevens bij verkeersongeval
Op 16 april 2001 was A betrokken bij een kettingbotsing waarbij zij letsel opliep en vanaf 1 juni 2002 geheel arbeidsongeschikt werd verklaard. Winterthur, als WAM-verzekeraar van de veroorzaker, erkende aansprakelijkheid en verzocht de rechtbank om een voorlopig deskundigenonderzoek te bevelen. Dit onderzoek moet duidelijkheid verschaffen over de medische situatie van A en het causale verband met het ongeval.
Winterthur vroeg inzage in het volledige medische dossier van A, inclusief gegevens van vóór het ongeval, voor medisch en juridisch onderzoek door medisch adviseur, advocaat, schadebehandelaar en een door de rechtbank te benoemen deskundige. A verzette zich tegen het verstrekken van het volledige dossier, vooral aan de schadebehandelaar en advocaat, en betoogde dat haar privacy zwaarder moet wegen en dat alleen de onafhankelijke deskundige het dossier zou mogen inzien.
De rechtbank oordeelde dat Winterthur een zwaarwegend belang heeft bij inzage in de medische gegevens vanwege de noodzaak om het causale verband en de omvang van de schade vast te stellen. De privacy van A moet worden gerespecteerd, maar onder de gegeven omstandigheden weegt het belang van Winterthur zwaarder. Daarom moet A haar medische gegevens ter beschikking stellen aan medisch adviseur, advocaat, schadebehandelaar en deskundige. Tevens werd een uitgebreide vragenlijst vastgesteld voor het deskundigenonderzoek. Het zelfstandig verzoek van A tot benoeming van een neuropsycholoog werd aangehouden tot na het deskundigenonderzoek.
Uitkomst: De rechtbank beveelt voorlopig deskundigenonderzoek en bepaalt dat A haar medische dossiers aan medisch adviseur, advocaat, schadebehandelaar en deskundige moet verstrekken.