ECLI:NL:RBAMS:2005:AS8384
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.P.C. Janssen
- L.C. Bachrach
- C.M. Degenaar
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontnemingsvordering wegens gebrek aan aannemelijk voordeel uit diefstal en heling
De rechtbank Amsterdam behandelde een ontnemingsvordering van het Openbaar Ministerie tegen verdachte, die was veroordeeld voor onder meer de diefstal van twee schilderijen uit het Van Gogh Museum en heling van goederen van een inbraak bij een bedrijf in Amsterdam.
Het OM vorderde ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel tot een bedrag van €170.000, verdeeld over €100.000 voor de diefstal uit het Van Gogh Museum en €70.000 voor de heling van goederen afkomstig van een inbraak bij Ppgh/Jwt. De rechtbank oordeelde dat hoewel de betrokkenheid van verdachte bij de diefstal en heling wettig en overtuigend was bewezen, niet met zekerheid kon worden vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk voordeel had genoten uit deze strafbare feiten.
Met betrekking tot de Van Gogh-diefstal was niet aannemelijk hoeveel of of er überhaupt voordeel was verkregen. Voor de heling van goederen was vastgesteld dat verdachte slechts kortstondig in het bezit was van de goederen en dat de goederen niet bij hem werden aangetroffen tijdens huiszoeking. De eigen verklaring van verdachte bevestigde dat hij de auto had uitgeleend en wist dat de goederen uit een inbraak afkomstig waren, maar er was geen bewijs van inkomsten uit deze feiten.
Daarom wees de rechtbank de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af. Het vonnis werd gewezen door mr. G.P.C. Janssen, voorzitter, en mrs. L.C. Bachrach en C.M. Degenaar, rechters, op 28 februari 2005.
Uitkomst: De rechtbank wijst de ontnemingsvordering af wegens gebrek aan aannemelijk wederrechtelijk verkregen voordeel.