ECLI:NL:RBAMS:2004:AP4278
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- M.Y.C. Poelmann
- Rechtspraak.nl
Afwijzing uitzendverbod NOS-journaal over vermeende staatsgeheimen elite-eenheid
De Staat vorderde in kort geding een uitzendverbod tegen NOS c.s. voor een journaalitem waarin staatsgeheimen omtrent de inzet van elite-eenheden in het buitenland en de betrokkenheid van Sergeant-Majoor [E.O.] zouden worden onthuld. De Staat stelde dat openbaarmaking van deze informatie onrechtmatig was en de persoonlijke veiligheid van [E.O.] ernstig in gevaar bracht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bestaan van de Bijzondere Bijstandseenheid (BBE) en de algemene informatie over hun missies niet als staatsgeheimen konden worden aangemerkt, aangezien deze feiten al bekend waren en geen ernstige schade aan de staat of bondgenoten zouden veroorzaken. Ook werd geoordeeld dat de veiligheid van [E.O.] niet in gevaar werd gebracht door de uitzending, mits de naam van de toenmalige minister van Defensie werd weggelaten.
De gevorderde voorziening werd afgewezen, behalve het verbod op het noemen van de naam van de minister van Defensie, waarvoor een dwangsom werd opgelegd. Partijen werden geacht over en weer in het ongelijk te zijn gesteld, met compensatie van eigen proceskosten. De uitspraak werd mondeling gedaan op 14 juni 2004.
Uitkomst: Het uitzendverbod wordt afgewezen behalve het verbod op het noemen van de naam van de toenmalige minister van Defensie.