ECLI:NL:RBAMS:2003:AO0796
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verbod op tariefsverhoging UPC basispakket in Hilversum boven contractueel afgesproken niveau
UPC was voornemens het maandtarief voor het basispakket in Hilversum per 1 januari 2004 te verhogen van €10,28 naar €13,32 inclusief BTW. De gemeente Hilversum stelde dat deze verhoging in strijd was met de koopovereenkomst van 1996, waarin een maximale tariefsverhoging tot €10,50 inclusief BTW was vastgelegd. UPC voerde aan dat het nieuwe tarief niet excessief was en dat de overeenkomst nietig zou zijn wegens strijd met hogere regelgeving en Europese richtlijnen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat UPC zich niet zomaar kon onttrekken aan de contractuele afspraken zonder overleg en dat de eenzijdige tariefsverhoging in strijd was met de redelijkheid en billijkheid en de contractuele bepalingen. De rechtbank verbood UPC daarom om het tarief in Hilversum boven het afgesproken niveau te verhogen gedurende het eerste kwartaal van 2004, onder dreiging van een dwangsom.
De rechtbank wees tevens het verzoek van UPC om de gemeente te dwingen tot onderhandelingen en mediation af. De gemeente erkende inmiddels dat de overeenkomst niet onverkort kon worden gehandhaafd en was bereid tot onderhandelingen. De uitspraak was uitvoerbaar bij voorraad en UPC werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: UPC is verboden het tarief voor het basispakket in Hilversum per 1 januari 2004 te verhogen boven het contractueel toegestane niveau tot 1 april 2004, onder dreiging van een dwangsom.