ECLI:NL:RBAMS:2002:AF5351
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. Beins
- R.G. Kemmers
- N.J.M. Tijhuis
- Rechtspraak.nl
Klacht tegen gerechtsdeurwaarder wegens onvoldoende informatieverstrekking en niet tijdig beslaglegging
Klaagster gaf opdracht aan de gerechtsdeurwaarder om een verstekvonnis te betekenen en beslag te leggen op roerende zaken van de debiteur. De deurwaarder bevestigde de opdracht en stelde een betalingsregeling voor met de debiteur, zonder voorafgaand overleg met klaagster. Klaagster werd niet tijdig geïnformeerd over de voortgang en het niet nakomen van de regeling.
Na het verstrijken van de termijn en het niet voldoen aan de betalingsregeling, werd niet direct beslag gelegd. Pas na telefonisch contact van klaagster werd medegedeeld dat de regeling niet was nagekomen en dat een faillissementsaanvraag was ingediend. De Kamer oordeelde dat de deurwaarder in strijd met de beroeps- en gedragsregels heeft gehandeld door onvoldoende overleg en informatieverstrekking.
Hoewel de klacht gegrond werd verklaard, vond de Kamer geen aanleiding tot het opleggen van een maatregel. De beslissing werd uitgesproken op 9 juli 2002, waarbij klaagster ontvankelijk werd verklaard ondanks dat een deel van de gedragingen vóór de inwerkingtreding van de Gerechtsdeurwaarderswet plaatsvond.
Uitkomst: De klacht tegen de gerechtsdeurwaarder wordt gegrond verklaard wegens onvoldoende overleg en informatieverstrekking, maar zonder oplegging van een maatregel.