ECLI:NL:RBAMS:2002:AE0187
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.N.A. Josephus Jitta
- D. Radder
- A.V.T. de Bie
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname aan criminele organisatie voor drugshandel en facilitering
De rechtbank Amsterdam heeft op 5 maart 2002 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van deelname aan een criminele organisatie gericht op het plegen van misdrijven met middelen vermeld op lijst II van de Opiumwet. Verdachte stelde zijn bedrijf en vervoermiddelen ter beschikking voor het geschikt maken en vervoeren van drugs.
Het bewijs bestond uit diverse ambtelijke processen-verbaal, getuigenverklaringen, telefoontaps en verklaringen van betrokkenen, waaronder verklaringen over voorbereidingshandelingen en het faciliteren van drugstransporten naar Spanje en Nederland. De rechtbank achtte het bewijs wettig en overtuigend en verwierp het verweer van de raadsvrouw dat sprake was van vormverzuimen en onvoldoende verdenking.
De rechtbank oordeelde dat verdachte een vitale faciliterende rol had binnen de organisatie en dat hij zelfs na arrestatie van de leider van de organisatie probeerde de criminele activiteiten voort te zetten. Gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte werd een gevangenisstraf van 18 maanden opgelegd, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een geldboete van €20.000.
De rechtbank bepaalde dat de reeds door verdachte doorgebrachte tijd in voorlopige hechtenis in mindering wordt gebracht op de straf. Daarnaast werd het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De strafoplegging weerspiegelt de ernst van de deelname aan de drugshandel en het faciliteren daarvan.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk en een geldboete van €20.000 voor deelname aan een criminele organisatie gericht op drugshandel.