ECLI:NL:RBAMS:2000:AA6106
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige publicaties over vermeende criminele advisering door advocaat Hammerstein
In deze civiele procedure vordert advocaat Hammerstein en zijn vennootschap Legal Lancelot B.V. een verklaring voor recht en schadevergoeding wegens onrechtmatige publicaties van De Telegraaf. De krant publiceerde in 1994 artikelen waarin Hammerstein werd beschuldigd van het adviseren van leden van de criminele Octopus-organisatie.
De rechtbank analyseerde de bewijslast en concludeerde dat De Telegraaf onvoldoende bewijs leverde om de beschuldigingen te staven. De gebruikte bronnen waren anoniem en werden niet ondersteund door voldoende concrete feiten. Ook verklaringen van officier van justitie en getuigen waren onvoldoende om de aantijgingen te rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelde dat de publicaties Hammerstein in zijn eer en goede naam hebben aangetast en derhalve onrechtmatig zijn. De onrechtmatigheid geldt specifiek voor de artikelen van 3 oktober, 5 november en 22 december 1994 en de foto's van maart 1994.
De rechtbank kende een immateriële schadevergoeding toe van 15.000 gulden aan Hammerstein, waarvan 10.000 voor de artikelen en 5.000 voor de foto's, vermeerderd met wettelijke rente. Materiële schade werd niet toegewezen wegens onvoldoende causaal verband. De procedure werd aangehouden voor nadere onderbouwing van materiële schade.
Uitkomst: De rechtbank verklaart De Telegraaf onrechtmatig en wijst immateriële schadevergoeding van 15.000 gulden toe aan Hammerstein.