ECLI:NL:RBALM:2012:BY7914
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw
Verzoekster, een alleenstaande vrouw van 29 jaar, diende een verzoek in tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling vanwege een totale schuldenlast van €140.041,37, waaronder aanzienlijke schulden bij Santander en Stichting Incasso Achmea Hypotheken. Tijdens de zittingen verklaarde zij onder meer een ernstige verslaving aan blowen te hebben gehad en dat haar voormalige partner het financiële beheer voerde.
De rechtbank stelde vast dat de schulden voornamelijk tijdens het huwelijk met haar voormalige partner zijn ontstaan. Er werd een hypothecaire lening van €40.000 afgesloten, waarvan slechts een deel verklaard kon worden als besteed aan een keuken; de rest werd niet verantwoord. Ook gaf verzoekster geen duidelijke uitleg over de besteding van de lening bij Santander. Ondanks haar verslaving en het feit dat haar ex-partner het beheer voerde, oordeelde de rechtbank dat zij zelf verantwoordelijk was voor haar financiën.
Gelet op het ontbreken van aannemelijkheid dat verzoekster te goeder trouw was bij het ontstaan of het onbetaald laten van haar schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek, wees de rechtbank het verzoek af op grond van artikel 288 lid 1 sub b Faillissementswet Pro. Ook waren de omstandigheden van artikel 288 lid 3 Fw Pro niet aannemelijk gemaakt.
De rechtbank concludeerde dat verzoekster niet kon wegkomen met het gebrek aan toezicht op haar financiën, ondanks haar persoonlijke omstandigheden, en dat het verzoek tot schuldsanering daarom niet toegewezen kon worden.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw.