ECLI:NL:RBALM:2012:BY5495
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Vordering tot opheffing conservatoir beslag en nakoming exploitatieplicht bedrijfsruimte
In deze civiele kortgedingprocedure vordert eiseres, een besloten vennootschap, dat gedaagde het conservatoir beslag dat op 25 september 2012 ten laste van eiseres is gelegd, binnen twee dagen opheft. Gedaagde heeft beslag gelegd vanwege een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst tussen gedaagde en de dochtermaatschappij van eiseres, [A]. Eiseres betwist dat zij of haar dochter tekort zijn geschoten en dat de huurovereenkomst rechtsgeldig is ontbonden.
De voorzieningenrechter overweegt dat het beslag moet worden opgeheven indien summierlijk blijkt dat de vordering ondeugdelijk is. Gelet op de correspondentie over de huurbetalingen en het feit dat de huur over september en oktober 2012 is voldaan, acht de rechter onvoldoende aannemelijk dat sprake is van tekortkomingen die ontbinding rechtvaardigen. Ook de exploitatieplicht is niet zodanig geschonden dat ontbinding gerechtvaardigd is. De overige vorderingen van eiseres, zoals het verbod op negatieve uitlatingen en het betreden van het gehuurde door gedaagde, worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
In reconventie vordert gedaagde onder meer een bankgarantie en terugbezorging van activa. De voorzieningenrechter wijst deze vorderingen af omdat de huurovereenkomst met de dochtermaatschappij is gesloten en de bankgarantie expliciet is uitgesloten in de overeenkomst. Het verzoek tot gerechtelijke bewaring van de in beslag genomen goederen wordt eveneens afgewezen. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
De rechtbank beveelt gedaagde om het conservatoir beslag binnen twee dagen op te heffen en legt een dwangsom op bij niet-naleving. Alle overige vorderingen worden afgewezen, waarbij gedaagde als grotendeels in het ongelijk gestelde partij wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt bevolen het conservatoir beslag binnen twee dagen op te heffen; overige vorderingen worden afgewezen.