ECLI:NL:RBALM:2012:BX5003
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Omgevingsvergunning voor agrarische bedrijfswoning niet onrechtmatig verleend
Eisers maakten bezwaar tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van een agrarische bedrijfswoning en een tijdelijke woonunit op een perceel met een groot varkensbedrijf. Zij stelden dat de verbindingsweg niet voldeed aan de vereiste minimale breedte en geschiktheid volgens de bouwverordening en dat de bedrijfswoning niet noodzakelijk was volgens het bestemmingsplan.
De rechtbank oordeelde dat de verbindingsweg wel voldoet aan de vereisten, waarbij ook de berm en grondwal als onderdeel van de weg worden meegeteld en dat de weg geschikt is voor zwaar verkeer zoals brandweerwagens. Het argument dat nader onderzoek naar de fundering van de weg nodig was, werd verworpen omdat de weg reeds intensief door zwaar landbouwverkeer wordt gebruikt.
Ten aanzien van de noodzaak van de bedrijfswoning volgde de rechtbank de vaste jurisprudentie dat de bedrijfsvoering ter plaatse zoveel tijd en aandacht vereist dat een redelijk belang bestaat om op het perceel te wonen. De aard van de bedrijfsvoering met levende have, dierwelzijnsvriendelijke stallen, nachtelijke werkzaamheden en de omvang van het bedrijf (1,78 VAK) rechtvaardigen de bedrijfswoning.
Het beroep van eisers werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit, de omgevingsvergunning, bleef in stand. De uitspraak werd gedaan door rechter S.A. van Hoof op 25 juli 2012.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van een agrarische bedrijfswoning wordt ongegrond verklaard.