ECLI:NL:RBALM:2012:BX3530
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing conservatoir derdenbeslag op huurpenningen en bedrijfsruimte
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres de opheffing van conservatoir derdenbeslag dat Hanwel heeft gelegd op huurpenningen van SWK Biosystems B.V. en op bedrijfsruimte die eiseres verhuurt. Hanwel stelt schade te hebben geleden door het afbreken van onderhandelingen over een huurovereenkomst en heeft haar vordering begroot op € 594.000,00 inclusief rente en kosten.
Eiseres betwist de hoogte van de vordering en stelt dat een deel van het schadebedrag onterecht is meegerekend. Zij wijst op voldoende dekking van het beslag op de bedrijfsruimte en stelt dat het beslag op de huurpenningen vexatoir is, mede omdat deze gelden nodig zijn voor de persoonlijke situatie van een schuldeiser.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de vordering van Hanwel te hoog is begroot en corrigeert deze naar € 501.582,00. Tevens wordt een bedrag van € 97.206,00 wegens investeringen in het oude huurpand niet als schade erkend. De resterende vordering wordt begroot op € 371.512,70. De executiewaarde van het onroerend goed ligt tussen € 445.000,00 en € 560.000,00, waar de hypothecaire leningen van € 71.155,24 vanaf moeten worden getrokken. Hierdoor is de vordering krap maar voldoende gedekt.
Gezien de beperkte dekking en onzekerheid in de markt acht de rechter het beslag op de huurpenningen gerechtvaardigd en niet vexatoir. Wel wordt Hanwel opgedragen binnen veertien dagen de schadestaatprocedure te starten. De vordering tot opheffing van het derdenbeslag wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van het conservatoir derdenbeslag wordt afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.