ECLI:NL:RBALM:2012:BW7132

Rechtbank Almelo

Datum uitspraak
29 mei 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
129212 / KG RK 12-276
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk wegens indiening na uitspraak kinderrechter

In deze zaak diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen mr. M.M. Lorist, de kinderrechter die het verzoek tot ondertoezichtstelling van de Raad voor de Kinderbescherming behandelde en besliste over de twee minderjarige kinderen van verzoeker.

Verzoeker stelde dat hij onvoldoende gelegenheid had gekregen om zijn standpunt naar voren te brengen tijdens de mondelinge behandeling en voelde zich gepasseerd door de kinderrechter. Het wrakingsverzoek werd echter ingediend nadat de rechter al een schriftelijke beschikking had gegeven die de zaak afsloot.

De rechtbank oordeelde dat een wrakingsverzoek moet worden ingediend voordat de rechter een einduitspraak doet, omdat het doel is te voorkomen dat een rechter die mogelijk niet onpartijdig is, de zaak beslist. Nadat de uitspraak is gedaan, is een wrakingsverzoek niet meer doelmatig en dient de partij de reguliere rechtsmiddelen te gebruiken.

Daarom verklaarde de wrakingskamer het verzoek niet-ontvankelijk en zag af van een mondelinge behandeling. Dit betekent dat het wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen vanwege het te late tijdstip van indiening.

Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het verzoek na de uitspraak is ingediend.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK ALMELO
Sector civiel recht
zaaknummer / rekestnummer: 129212 / KG RK 12-276
Datum beschikking: 29 mei 2012
Beschikking van de meervoudige kamer voor burgerlijke zaken op een verzoek tot wraking als bedoeld in artikel 36 e.v. van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) gedaan door:
[verzoeker,
wonende te [woonplaats],
verzoeker tot wraking, verder te noemen verzoeker,
strekkende tot wraking van mr. M.M. Lorist, rechter tevens kinderrechter in de rechtbank Almelo, sector civiel recht.
1. De procedure
1.1. Bij de rechtbank Almelo is onder zaaknummer 128712 /JE RK 12-635 een verzoek tot ondertoezichtstelling van de Raad voor de Kinderbescherming met betrekking tot twee minderjarige kinderen van verzoeker behandeld en beslist. De behandeling van deze zaak bij de rechtbank is met een schriftelijke beschikking d.d. 16 mei 2012 geëindigd.
1.2. Verzoeker heeft bij brief van 21 mei 2012, door de rechtbank ontvangen op 23 mei 2012, het onderhavige wrakingsverzoek gedaan.
1.3. De wrakingskamer heeft, gelet op het navolgende, afgezien van een mondelinge behandeling.
2. Het wrakingsverzoek
2.1. Het verzoek tot wraking is gericht tegen mr. M.M. Lorist, die als kinderrechter het verzoek tot ondertoezichtstelling heeft behandeld en daarop heeft beslist. Verzoeker stelt zakelijk weergegeven - dat de kinderrechter hem tijdens de mondelinge behandeling van het verzoek onvoldoende gelegenheid heeft geboden om zijn standpunt naar voren te brengen. Verzoeker voelt zich door de kinderrechter gepasseerd.
3. De beoordeling
3.1. Een verzoek tot wraking dient te worden gedaan voordat de behandeling van de zaak door de betrokken rechter(s) met het wijzen van een einduitspraak is geëindigd. Doel van het wrakingsverzoek is immers te beletten dat een bepaalde rechter of bepaalde rechters ten aanzien van wie er objectief gerechtvaardigde twijfel is of kan zijn over zijn, haar of hun onpartijdigheid, een zaak beslist of beslissen. Als de behandeling van de zaak door de betrokken rechter(s) door een uitspraak al is geëindigd, kan een wrakingsverzoek geen doel meer treffen. In dat geval resteert voor een partij of belanghebbende uitsluitend de tegen de betreffende uitspraak openstaande rechtsmiddelen. Verzoeker is daarom kennelijk niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek.
3.2. Het wrakingsverzoek voldoet niet aan de wet. Herstel van de gebreken is niet mogelijk. De mondelinge behandeling van het kennelijk niet-ontvankelijke wrakingsverzoek kan daarom achterwege blijven.
4. De beslissing
De wrakingskamer:
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek.
Deze beschikking is gegeven door de mr. A.R. van der Winkel, voorzitter en
mr. G. van Eerden en mr. G.J. Stoové, rechters, en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2012 in tegenwoordigheid van mr. S.J.S. Koekkoek, griffier.