ECLI:NL:RBALM:2012:BW5343
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verkrijger niet gehouden aan huurovereenkomst onderverhuur bedrijvencomplex Hengelo
In deze zaak gaat het om een geschil over de rechtsgeldigheid en afdwingbaarheid van een huurovereenkomst tussen Centavos B.V. en DBS Uitzend- en Detacheringsbureau B.V. (DBS) betreffende een bedrijvencomplex aan de Slachthuisweg te Hengelo. De stichting, eigenaar van het complex, stelt dat de huurovereenkomst niet geldig is en dat DBS zich onrechtmatig gedraagt door huur te incasseren en zich als huurder te presenteren.
De rechtbank stelt vast dat het bedrijvencomplex inmiddels is geleverd aan een dochtermaatschappij van de stichting. Op grond van een eerder kort geding vonnis is de huurovereenkomst tussen Centavos en GAB Vastgoed B.V. geschorst totdat in een bodemprocedure is beslist over de rechtsgeldigheid. De rechtbank oordeelt dat DBS niet kan aantonen dat zij rechtsgeldig huurder is geworden en dat de contante betalingen en kwitanties onvoldoende bewijs vormen.
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van DBS af en bepaalt dat DBS moet gedogen dat de verkrijger zelfstandig huurovereenkomsten sluit met de onderhuurders. Tevens wordt DBS veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat totdat de bodemrechter anders beslist, de verkrijger niet gebonden is aan de door DBS gestelde huurovereenkomst.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van DBS af en bepaalt dat DBS moet gedogen dat de verkrijger zelf huurovereenkomsten sluit totdat de bodemrechter beslist.