ECLI:NL:RBALM:2012:BV9032
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H. van Rhijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding na gedwongen ontruiming wegens onvoldoende onderbouwing herstelkosten
De Woonplaats verhuurde een woning aan de huurder, die de huurovereenkomst verloor en de woning gedwongen moest ontruimen. De corporatie voerde herstelwerkzaamheden uit en vorderde van de huurder een schadevergoeding van €1.956,30 plus buitengerechtelijke kosten en rente.
De huurder betwistte de vordering en stelde dat hij niet in de gelegenheid was gesteld om de schade zelf te herstellen. De corporatie hanteert beleid waarbij bij gedwongen ontruiming geen inspectieprocedure wordt uitgevoerd, waardoor de huurder niet vooraf kon weten welke herstelwerkzaamheden vereist waren.
De rechtbank oordeelde dat het onduidelijk was of partijen bij het aangaan van de huurovereenkomst een opleveringsbeschrijving hadden opgesteld. Volgens jurisprudentie moet een huurder de kans krijgen om gebreken te herstellen, tenzij het voor hem evident is dat herstel op zijn kosten komt. Dit was hier niet het geval.
Verder ontbrak inzicht in de specificatie van de herstelkosten die de huurder zelf zou hebben gemaakt. Daarom was de vordering onvoldoende onderbouwd en werd deze afgewezen. De Woonplaats werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot schadevergoeding van de woningcorporatie wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.