ECLI:NL:RBALM:2012:BV6444
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H. van Rhijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering achterstallige huur wegens onvoldoende bepaalbare arbeidsprestatie
Eiser verhuurde een paardenstal aan gedaagde en vorderde betaling van achterstallige huur over de periode 1 september 2008 tot 1 september 2010. De huurprijs was aanvankelijk €150 per maand, later verlaagd naar €75 per maand met de afspraak dat gedaagde werkzaamheden zou verrichten ter compensatie van het lagere bedrag. Er was echter geen afspraak over het aantal uren arbeid.
Gedaagde heeft in de betreffende periode geen werkzaamheden verricht en verweerde zich door te stellen dat de arbeid een vriendendienst betrof en dat de huurprijs niet was gewijzigd. De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsprestatie onvoldoende bepaalbaar was en daarom geen onderdeel uitmaakte van de huurovereenkomst.
Daarmee kon eiser de achterstallige huur niet baseren op de arbeidsprestatie en werd zijn vordering afgewezen. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2012 te Enschede door kantonrechter M.H. van Rhijn.
Uitkomst: De vordering tot betaling van achterstallige huur wordt afgewezen wegens onvoldoende bepaalbare arbeidsprestatie als tegenprestatie.