ECLI:NL:RBALM:2011:BU6215
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Stoové
- Van der Lecq
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal
De rechtbank Almelo heeft op 22 november 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal in de periode van 16 tot 17 maart 2010. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 48 maanden. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat de verklaringen van de aangever aanzienlijke onjuistheden en onwaarschijnlijkheden bevatten, waardoor deze onbetrouwbaar zijn.
Gedurende het onderzoek en de terechtzittingen zijn verschillende getuigenverklaringen en technische bewijzen onderzocht. Zo bleek uit telefoonhistorie dat de aangever niet door verdachte was gebeld zoals hij verklaarde, en camerabeelden ondersteunden de verklaring van verdachte dat zij elkaar toevallig tegenkwamen. DNA-onderzoek op een sok die gebruikt zou zijn om de ogen van de aangever af te plakken, toonde geen DNA van verdachte. Diverse verklaringen van medeverdachten waren tegenstrijdig of werden later ingetrokken.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om de tenlasteleggingen bewezen te achten. Ook de technische onderzoeken waren onvolledig, en de verklaringen van verdachte en medeverdachten werden als geloofwaardiger beoordeeld dan die van de aangever. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief het bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en onbetrouwbare verklaringen.