ECLI:NL:RBALM:2011:BT8473
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vordering tot opheffing conservatoir beslag wegens verval door ontbreken eis in hoofdzaak
De man vordert in kort geding dat het conservatoir beslag dat de vrouw onder ABN AMRO heeft gelegd, wordt opgeheven omdat geen eis in de hoofdzaak is ingesteld, waardoor het beslag van rechtswege is vervallen. De vrouw voert verweer en stelt dat haar verzoek tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap als eis in de hoofdzaak geldt en dat de man geen spoedeisend belang heeft.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de vrouw geen eis in de hoofdzaak heeft ingesteld die leidt tot een executoriale titel, zodat het beslag krachtens artikel 700 lid 3 Rv Pro. is vervallen. De man heeft voldoende spoedeisend belang omdat zijn bestedingsvrijheid wordt beperkt door het beslag. De vrouw wordt veroordeeld om ABN AMRO te berichten dat het beslag is vervallen, onder verbeurte van een gematigde dwangsom.
De procedurekosten worden gecompenseerd en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en is gewezen door de voorzieningenrechter te Almelo op 12 oktober 2011.
Uitkomst: Het conservatoir beslag is vervallen en de vrouw wordt veroordeeld om ABN AMRO te berichten dat het beslag is opgeheven onder verbeurte van een dwangsom.