ECLI:NL:RBALM:2011:BR1314
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot levering woonboerderij wegens onduidelijkheid koopovereenkomst en dwaling
In deze zaak vorderen de erfgenamen van de overleden eigenaar de levering van een woonboerderij aan de gedaagde, die de koopovereenkomst betwist en stelt dat deze nietig is of vernietigd kan worden wegens dwaling.
De verkoop vond plaats via openbare inschrijving, waarbij de gedaagde als hoogste bieder werd aangewezen. De overdracht diende uiterlijk 1 juni 2011 te geschieden, maar gedaagde weigerde mee te werken en stelde de overeenkomst te hebben ontbonden of vernietigd.
De erfgenamen stellen dat de overeenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen en dat gedaagde onterecht dwaling aanvoert, omdat ten tijde van de overeenkomst geen kennis was van mogelijke toekomstige infrastructuurplannen die de waarde zouden beïnvloeden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de rechtsvragen over de geldigheid, inhoud en ontbinding van de overeenkomst complex zijn en nader feitenonderzoek vereisen, hetgeen niet mogelijk is in kort geding. Daarom wijst hij de vorderingen af en veroordeelt de erfgenamen in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen tot levering en nakoming worden afgewezen wegens onduidelijkheid over de rechtsgeldigheid van de koopovereenkomst en noodzaak tot nader feitenonderzoek.