ECLI:NL:RBALM:2011:BP9852
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vaststellingsovereenkomst ouderlijke verantwoordelijkheid en verblijfplaats minderjarige
De rechtbank Almelo behandelde een verzoek van de Centrale Autoriteit tot teruggeleiding van een minderjarige uit Nederland naar België, ingediend door de vader. Tijdens de procedure hebben de ouders gezamenlijk besloten hun geschil via mediation op te lossen. Dit leidde tot een vaststellingsovereenkomst waarin is afgesproken dat de gewone verblijfplaats van de minderjarige bij de moeder in Nederland zal zijn, met een contactregeling.
De Centrale Autoriteit trok haar verzoek tot teruggeleiding in en verzocht de rechtbank de vaststellingsovereenkomst te bekrachtigen. De moeder stemde hiermee in. De rechtbank stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd was, nu de minderjarige zijn hoofdverblijfplaats in Nederland had verkregen en de zaak na deze wijziging was ingediend.
De rechtbank nam de onderlinge regeling van de ouders betreffende de ouderlijke verantwoordelijkheid en verblijfplaats van de minderjarige over en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Het meer of anders verzochte werd afgewezen. De uitspraak werd gedaan door kinderrechter M. Kramer op 28 maart 2011.
Uitkomst: De rechtbank bekrachtigt de vaststellingsovereenkomst waarin de verblijfplaats van de minderjarige bij de moeder in Nederland is geregeld.