ECLI:NL:RBALM:2011:BP4407
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Margadant
- Rechtspraak.nl
Geen matiging boete bij onrechtmatige overdracht boerderijtje ondanks verjaringsverweer
In deze civiele procedure stond centraal of de overdracht van een boerderijtje met grond door gedaagde aan een derde, zonder toestemming van eiser, rechtmatig was. Partijen waren overeengekomen dat overdracht zonder schriftelijke toestemming een boete van 200.000 gulden oplevert, tenzij sprake is van dwingende overheidsbepalingen. Gedaagde stelde dat verjaring en dwingende overheidsbepalingen toepassing vonden.
De rechtbank overwoog dat de notariële akte van 23 november 2008, waarin werd verklaard dat de derde eigenaar was geworden door verjaring, niet doorslaggevend was omdat tegenbewijs was geleverd. Uit diverse verklaringen bleek dat de derde houder was, niet bezitter, en dat gedaagde zelf eigenaar was gebleven. Er was geen sprake van dwingende overheidsbepalingen die het boetebeding konden uitsluiten.
Gedaagde verzocht om matiging van de boete op grond van billijkheid, maar de rechtbank vond dat onvoldoende onderbouwd en wees dit af. De boete werd volledig toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 11 september 2009. Gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 90.756,- boete en wettelijke rente wegens onrechtmatige overdracht zonder toestemming.