ECLI:NL:RBALM:2011:BP3448
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H. van der Veer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid bestuurders voor onbehoorlijk bestuur bij dividenduitkering
Op 13 november 2001 liep eiser een arbeidsongeval bij zijn werkgever Dru Stainless Steel Products B.V., waarbij hij letsel aan zijn linkerduim en wijsvinger opliep. Na diverse jaren van arbeidsongeschiktheid en een schadevergoeding toegekend door de kantonrechter, stelde eiser dat de bestuurders van Dru onbehoorlijk hadden gehandeld door in 2005 een dividenduitkering te besluiten zonder voldoende rekening te houden met zijn toekomstige schadeclaims.
Eiser vorderde hoofdelijke aansprakelijkheid van de feitelijke beleidsbepaler en de statutair bestuurder voor het tekortschieten in het bestuur, met betaling van de schadevergoeding en rente. De bestuurders voerden verweer dat het dividendbesluit rechtsgeldig was genomen binnen de wettelijke en statutaire kaders, en dat zij zorgvuldig hadden gehandeld op basis van de toen beschikbare informatie over de schade en arbeidsongeschiktheid van eiser.
De rechtbank oordeelde dat de voorziening van € 20.000,- die Dru had getroffen redelijk was en dat een hogere voorziening op dat moment niet voorzienbaar was. Er was geen ernstig persoonlijk verwijt aan de bestuurders te maken dat zij onvoldoende rekening hielden met de toekomstige verplichtingen jegens eiser. Ook werd een aanvullende grond van ongerechtvaardigde verrijking afgewezen omdat de dividenduitkering ten goede kwam aan de aandeelhouder en niet aan de bestuurders zelf.
De vorderingen van eiser werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank bevestigde dat het bestuur binnen haar bevoegdheden had gehandeld en dat er geen sprake was van onbehoorlijk bestuur dat aansprakelijkheid zou rechtvaardigen.
Uitkomst: De vorderingen van eiser wegens onbehoorlijk bestuur worden afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.