ECLI:NL:RBALM:2011:BP0801
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- G.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Schorsing executie ontruimingsvonnis tot eindarrest hoger beroep
Eiser huurt sinds 1982 een pand van gedaagde, waarin hij woont en zijn taxibedrijf exploiteert. De kantonrechter heeft de huurovereenkomst ontbonden en eiser veroordeeld tot ontruiming. Eiser is in hoger beroep gegaan bij het gerechtshof Arnhem. Gedaagde had aanvankelijk de executie van het vonnis opgeschort in afwachting van het hoger beroep, maar kondigde later aan de executie te willen hervatten.
Eiser vordert in kort geding dat de executie wordt geschorst tot het gerechtshof een eindarrest heeft gewezen, met een dwangsom bij overtreding. Gedaagde betwist het spoedeisend belang van eiser en stelt dat hij de executie mag hervatten vanwege gewijzigde omstandigheden.
De voorzieningenrechter overweegt dat schorsing van executie slechts plaatsvindt indien de executant geen redelijk belang heeft bij uitvoering of als partijen dit expliciet zijn overeengekomen. Partijen hadden afgesproken dat executie zou worden geschorst tot het eindarrest. Gedaagde kon dit niet eenzijdig wijzigen omdat er geen wezenlijke gewijzigde omstandigheden waren.
De voorzieningenrechter wijst de vordering toe en legt een dwangsom van € 500 per dag op bij niet-naleving, met een maximum van € 50.000. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Executie van het ontruimingsvonnis wordt geschorst tot het gerechtshof een eindarrest heeft gewezen, met oplegging van een dwangsom bij niet-naleving.