ECLI:NL:RBALM:2010:BN8437
Rechtbank Almelo
- Kort geding
- Van Houten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot voortzetting onderhandelingen over koop pand na beëindiging onderhandelingen
Eiser, huurder en exploitant van een winkel in een pand, vorderde dat gedaagde, eigenaar van het pand, de verkoop aan een derde zou stoppen en de onderhandelingen met hem zou voortzetten. Eiser had een bod van € 430.000 tot € 440.000 gedaan, terwijl gedaagde een hoger bod van een derde van € 490.000 had ontvangen en het pand inmiddels aan die derde had verkocht.
De rechtbank oordeelde dat de onderhandelingen op 26 augustus 2010 waren beëindigd, omdat gedaagde het bod van eiser had verworpen en duidelijk had gemaakt het hogere bod van de derde te accepteren. Eiser had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er een gerechtvaardigd vertrouwen bestond dat de onderhandelingen zouden worden voortgezet.
Ook andere omstandigheden, zoals het belang van eiser als huurder, maakten het afbreken van de onderhandelingen niet onaanvaardbaar. Daarom wees de rechtbank de vordering van eiser af en veroordeelde hem in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot voortzetting van de onderhandelingen en stopzetting van de verkoop aan een derde wordt afgewezen.