ECLI:NL:RBALM:2010:BN6244
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging tot moord, veroordeling poging tot doodslag met messteek in rug
Op 6 december 2009 stak verdachte het slachtoffer onverwacht met een mes in de rug in diens woning te Enschede. De rechtbank oordeelde dat er geen wettig en overtuigend bewijs was voor poging tot moord wegens het ontbreken van voorbedachten rade, maar wel voor poging tot doodslag. Verdachte werd vrijgesproken van de bedreiging van een medewerkster van Bureau Jeugdzorg wegens onvoldoende bewijs.
De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van het slachtoffer, een verbalisant en forensisch DNA-onderzoek dat het mes en bloedsporen aan verdachte koppelde. Het mes was ongeveer 30 centimeter lang en de steek was in een vitale zone, wat de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer bevestigde. De rechtbank verwierp de verweren van noodweer, psychische overmacht en noodweerexces.
De straf werd vastgesteld op 2 jaar gevangenisstraf, rekening houdend met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De vordering tot schadevergoeding van het slachtoffer werd niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende onderbouwing. Het inbeslaggenomen mes werd onttrokken aan het verkeer. Tevens werd de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf afgewezen vanwege het nieuwe strafbare feit.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 2 jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag, vrijgesproken van poging tot moord en bedreiging.