ECLI:NL:RBALM:2010:BN6105
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ondertoezichtstelling minderjarige wegens ontbreken ernstige ontwikkelingsbedreiging
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling (OTS) van een bijna 16-jarige minderjarige, omdat volgens hen de ontwikkelingsbedreigingen nog steeds ernstig waren. De vader steunde dit verzoek om via een gezinsvoogd op de hoogte te blijven van de situatie van zijn kind. De moeder en de minderjarige zelf waren tegen het verlengen van de OTS.
De kinderrechter stelde vast dat de doelen van de eerdere OTS zijn bereikt en dat de minderjarige goed functioneert thuis en op school. Er zijn geen aanwijzingen dat hij recent ziek is geweest of medische onderzoeken heeft ondergaan. De vader heeft voldoende mogelijkheden om contact te onderhouden en informatie te verkrijgen zonder een OTS.
De rechter oordeelde dat er onvoldoende ernstige bedreigingen zijn om een zware maatregel als OTS te rechtvaardigen. Ook is het onwaarschijnlijk dat de moeder zonder OTS het kind opnieuw in een onderzoekscircuit zal brengen, mede omdat de minderjarige zelf zich daartegen kan verzetten. De hulp die moeder zou moeten zoeken is reeds ingezet en de gezinsvoogd zag geen noodzaak tot aanvullend onderzoek.
Daarom werd het verzoek tot verlenging van de OTS afgewezen en is de beschikking in het openbaar uitgesproken door kinderrechter J.H. Olthof.
Uitkomst: Het verzoek tot ondertoezichtstelling is afgewezen wegens het ontbreken van ernstige ontwikkelingsbedreigingen.