ECLI:NL:RBALM:2010:BM3388
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bijdrage vader in kosten levensonderhoud en studie jongmeerderjarige zoon
De zoon verzoekt de rechtbank om een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie vast te stellen, aangezien de vader sinds 10 juni 2008 uit de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) is en over voldoende draagkracht beschikt. De vader betwist de ontvankelijkheid van het verzoek, de behoefte van de zoon, zijn eigen draagkracht en doet een beroep op matiging en betaling in natura door inwoning.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek van de zoon ontvankelijk is, omdat het een vaststelling betreft en niet een wijziging, gezien de eerdere nihilstelling van alimentatie tijdens de WSNP. De behoefte van de zoon wordt berekend op €813,35 per maand, waarbij rekening wordt gehouden met woonlasten, ziektekosten, studie- en levensonderhoudskosten, inclusief een redelijke stelpost voor sociale en sportieve uitgaven.
De draagkracht van de vader wordt vastgesteld op €1.186 per maand, waarvan 70% beschikbaar is voor kinderalimentatie, zijnde €830 per maand. De rechtbank wijst het beroep op matiging af en gaat niet mee in het verzoek tot betaling in natura, vanwege de verstoorde relatie tussen vader en zoon.
De onderhoudsbijdrage wordt vastgesteld op €250 per maand, met ingang van 1 oktober 2009, de eerste dag van de maand volgend op het einde van het dienstverband van de zoon. De kosten van de procedure worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Vader moet vanaf 1 oktober 2009 een maandelijkse bijdrage van €250 betalen aan zijn jongmeerderjarige zoon voor kosten van levensonderhoud en studie.